Heemkunde Lattrop Breklenkamp

Jaargang-5-nr-4-april-2018

Website: www.Heemkunde-Lattrop-Breklenkamp.nl
Deze nieuwsbrief wordt u aangeboden door de redactie van de website………………………….
Op deze site vindt u o.a. de rubriek ‘Nieuws/mededelingen’ waarin actuele wijzigingen of aanvullingen worden vermeld. Met deze nieuwsbrief willen wij u op de hoogte brengen van nieuwe artikelen en, waar nodig, om uw medewerking vragen.
Hebt u geen interesse in deze mail dan kunt u zich hiervoor afmelden. Een bericht naar de redactie is voldoende: b.busscher@kpnplanet.nl


Nieuws/medelingen:
Geplaatst op de website:
# In de rubriek Nieuwsbrieven: Nieuwsbrief 2018-3
# In de rubriek Erven: bewonersgeschiedenis Boershuijs in Breklenkamp
# Rubriek Registers/Naamsaanneming 1812: De eerste documenten zijn geplaatst.


Over de schoolkwestie te Lattrop (9)…

Enkele bladen zijn overgeslagen. Het volledige artikel wordt te zijner tijd gepubliceerd op de website.

STATENARCHIEF

 INVENTARIS NR.5466

     RIJKSARCHIEF OVERIJSSEL ZWOLLE.

A.
Dewijl de school te Lattrup gerigte Ootmarsum, alwaar de publijke schooldienst is gehouden, in den verleden jaar door geweld is omverre geworpen.
Zo worden de goedsheren en eigenerfden van voorzeide marke mit dezen gelast om aldaar eene schoole, waarin de publijke schooldienst zal worden gehou­den, ten spoedigsten te doen vervaardigen op kosten van de marke.
Ten welken einde de voorz. markenrigter van Lattrop wordt gelast om ten alle spoedigsten eene vergadering van goedsheren en eigenerfden van voorzeide marke uit te schrijven en te doen houden, om aldaar finaal te delibereren en concluderen over de herstelling van een publijke school in voorzeide marke en dezelve herstelling duidelijk te effectueren.
Oldenzaal den 23 october 1797.
J.W. Racer

                                                prov. verw. van het drost ambt van Twente.

B. 

                                               Extract uit het markeboek van
                                               Lattrop en Tilligte.

Holting gehouden over de marke Lattrop op het erve Bonkink in Lattrop den 6 november 1797.
Verwalter markenrichter H.R.G. Pagenstecher in qualiteit als verwalter landrentmeester van Twente.
Assessoren:{ De heer prior van Frenswegen en      { De heer van Singraven, M.A. de Thouars.

Ingevolge de op speciale last van den provisioneel verwalter van het drostambt van Twente afgegane en twee zondagen achtereen gepubliceerde en geaffigeerde en bovendien nog eene rondgezondene publicatien de goedsheren en eigengeerfden der marke Lattrop vergaderd zijnde, om finaal te delibere­ren en concluderen over de herstelling van eenen publijke schoole in de marke Lattrop, in stede van de in verleden jaare aldaar met geweld omverre geworpen school en dezelve herstelling datelijk op kosten der marke te effectuceren, is na daarover gehouden deliberatie door den heer prior van Frenswegen voorgedragen, dat hij van meninge is, dat wegens de tegenwoordi­ge tijdsom­standigheden en omdat men nog niet in opzigt van de scholen zou kunnen geschikt worden, er voor als nog geene schoole op kosten der marken behoorde te worden getimmerd, in plaats van die in den verleden jaare omverre geworpen schoole en dat het hem voorkomt, dat de schoole, welke door de boermannen buiten en behalven die omverre geworpen schoole is getimmerd tot een publijke schoole door den meester Bonke gebruikt worde tot zo lange bij de nieuwe constitutie blijke dat een catholijken schoolmeester ook van wegens de marke kan worden gehouden.
Dr. Berends en pr.Aeijelts als gevolmagtigden van den heer Bentink tot Brekkelenkamp luid qualificatie alhier vertoond brengen in dezen voor hun advijs uit, dat vermids er bedenkelijk tusschen hunnen principaal voornoemd en den schoolmeester J.Bonke over de possessie en eigendom van de plaatse waarop de vorige school gestaan heeft disputen zijn onstaan, die alnog niet volkomen getermineerd en afgedaan zijn, eensdeels en dat ook andersdeels de vorige school eigenlijk niet kan gezegd worden een publijke school geweest te zijn, vermids daarin door de publijke schoolmeester als zijn eigen school slegts de schooldienst is waargenomen. 
Dat dehalven goedsheren en eigengeerfden zich in die disputen niet zouden behoren te mengen en het hun voorkomt, daar en boven onredelijk en hard te zullen zijn, dat de marke zoude verpligt worden juist die quaestieuse school die als in confessie nimmer in eigendom aan de marke, maar alleen aan de publijken schoolmeester heeft toebehoord te moeten optimmeren.
Te minder nog daar die plaats zo als ieder onpartijdige bij oculaire inspectie zal kunnen geblijken, daar toe ten uitersten ongeschikt en inconvenient schijnt te zijn, dan zij van gevoelen zijn, dat daar reeds een nieuwe school is getimmerd en genoegzaam voltooijd is.
Dezelve tot vermijdinge van nutteloze kosten door den publijken schoolmeester zoude behoren gebruikt te worden, ter tijd en wijle, dat daarin bij eene eerlang verwagt wordende constitutie of andere legale wijze naardere worde voorzien aanbiedende comparanten princpaal zijnen eigendom­melijken grond, waarop die schoole zonder enige tegenspraake staat, daartoe tot zolange zonder enigzins daarvoor te willen genieten te willen verlenen.
Dr. J.E. Hubert als gevolmagtigde des huizes Ootmarsum luid acte van qualifi­catie alhier vertoond is van advijs, dat nademaal de in voorleden jaar met geweld omverre gehaalde school ongeveer vijftig jaaren geleden met uitdruk­kelijk consent der marke op gemene markegrond ten meesten nutte der marke getimmerd en de publijke schooldienst daarin zedert dien langen tijd ongehinderd geoefend is, dezelve ook als nu op die zelfde plaats weder behoorde opgetimmerd te worden.
De heer van Singraven conformeert zich met het uitgebragte advijs in dezen van dr. J.E. Hubert qqa. De eigengeerfde Jan Leferink conformeert zich in dezen met het uitgebragte asvijs van dr. A. Berends en pr. G. Aeijelts qqa. en van den heer prior van Frenswegen.
Ad idem doet de eigengeerfde Jan Wiggers.
De eigengeerfde Berend Dasselaar confermeert zich in dezen met het uitge­bragte advijs van dr. J.E. Hubert qqa.                                                                                                                                   Wordt vervolgd…


Uw reactie…

21-02-2018
Wat een geweldige site van heemkunde Lattrop-Breklenkamp. Graag zou ik ook de nieuws-brief ontvangen. Ik ben bezig met het schrijven van een autobiografie en zit alle oude foto's en andere zaken na te pluizen. Inmiddels heb ik ook wat foto's gevonden met Lattroppers er op. Ook wat oude bidprentjes, waarvan ik nog niet weet of die al zijn opgenomen. Dat ga ik nog uitzoeken. Hebben jullie daar nog belang bij? Dan zal ik ze scannen en naar jullie mailen.
Met vriendelijke groet, Alfons Niehoff Zwolle.


Vijf jaar grensbewaking (slot)…

ln de regen…

Gedurende mijn eerste periode in Denekamp van 1945 tot 1950 patrouilleerden we, zoals hiervoor al gesteld, per fiets of lopend. Ook de dienstgeleider moest het aanvankelijk met een fiets doen. ln 1947 kreeg hij de beschikking over een motor. Als je dienst deed Iangs de grens kon je elk moment verrast worden door de chef of de dienstgeIeider. En als hij op de fiets kwam hoorde je hem niet aankomen. Maar ook als hij met de motor kwam kon je weleens verrast worden door zijn komst. Hij kon dan bijv. zijn motor ergens achterlaten en lopend verder gaan.
Eens had ik samen met een collega dienst op een zaterdag van 20-24 uur, een rottijd, maar bovendien regende het dat het goot en was het koud. Voor we de dienst begonnen haalde ik bij de dienstgeleider nieuwe batterijen voor onze lantaarn. De man zat samen met zijn vrouw bij de warme kachel en toen ik opmerkte dat het hondenweer was, zei hij: "Dat iemand er in zo’n weer door moet”. lk zei daarna nog zoveel als, dat er wel niets anders op zou zitten en dat dienst nu eenmaal dienst was. Even later was ik samen met mijn collega op de fiets op weg naar grenspaal 24 bij Keizer. Binnen de kortste keren waren we kletsnat. De karabijn hadden we aan de fiets hangen. We waren al een eind op weg toen mijn collega voorstelde om naar huis terug te gaan. lk zei hem dat ik het niet vertrouwde en dat we gewoon verder moesten gaan. We waren ergens halfweg ter hoogte van de Brandlichterweg en we fietsten zoals gewoonlijk zonder licht, toen ik plotseling wat geritsel achter me hoorde. Toen ik achterom keek zag ik de dienstgeleider, die naar bleek onmiddellijk nadat we waren vertrokken de fiets had gepakt en ons achterna was gegaan. ”Tjonge, tjonge”, zei hij, "ik kon het niet over mijn hart verkrijgen om jullie in dit slechte weer alleen te laten gaan en dus heb ik ook maar de fiets gepakt”.

Poging tot omkoping…

Eén keer heeft men mij geprobeerd om te kopen. Dat was kort voor Koninginnedag 1945, op 31 augustus. lk kan me nog herinneren dat er toen in Denekamp een grote optocht was en dat Antoon Damhuis op een van de praalwagens verkleed zat als Hitler. lk ging weleens biljarten bij café Kuipers aan de Nordhornsestraat.Toen ik er op een zaterdagavond weer was, kwam iemand bij me, die zei, dat als ik hem zou vertellen, wanneer ik dienst had en waar ik op een bepaalde tijd zou zijn, er voor mij een beloning aan vast zat, naar ik meen een paar flessen jenever. lk ben op dat voorstel nietAntoon Damhuis in Denekamp ingegaan maar heb het gemeld bij de dienstgeleider. Ook heb ik gevraagd wat we er aan moesten doen. De bedoeling van de man, die me gevraagd had, was jenever uit Duitsland te halen, die men nodig had voor de komende feestelijk-heden. Sterkedrank was nog schaars, evenals vele andere dingen. Foto rechts Antoon Damhuis.

We hebben toen overlegd hoe we die jeneversmokkel konden verhinderen. ln de nacht voor het feest hebben we constant patrouille gelopen vanaf het kanaal tot aan een punt waarvan we dachten: verder gaan ze niet. Toen de volgende dag de optocht rondtrok, stond de betreffende man wel op een van de rijtuigen met liters jenever, waarmee we ‘toegeproost’ werden. Ze hadden het dus op de een of andere wijze toch wel voor elkaar gekregen.

Van Brabant weer naar Denekamp…

Ongeveer vijf jaar lang heb ik in Denekamp gewerkt. In 1950 werd ik overgeplaatst naar Roosendaal. Dat gebeurde zonder sollicitatie. Er werd ook niet gevraagd of je wel wilde. Je kreeg bijv. op woensdag bericht dat je overgeplaatst werd en dan moest je de maandag daarop al beginnen in je nieuwe standplaats. Voor mij kwam dat eigenlijk wel heel slecht uit, omdat ik ongeveer aan de beurt was een woning toegewezen te krijgen. Er heerste in die tijd een grote woningnood. Bovendien zat ik in Denekamp volop in het verenigingsleven, wat ik van de een op de andere dag moest opgeven.
Ereboog grenspost Rammelbeek 6 september 1948ln Roosendaal kreeg ik voorlopig geen woning, zoiets duurde wel een jaar of drie. lk ben toen in Oud Gastel en in Fijnaard in kost geweest. Je kon tegen overplaatsing wel protesteren, maar dat hielp allemaal niets. Ik heb nog wel overwogen ontslag te nemen bij de douane, maar zo’n rijksbetrekking, die vast werk betekende, gooide je niet zomaar weg.
Ik was 21 jaar toen ik bij de douane kwam en in die tijd was het zo dat je, als je in je vrije tijd studeerde en diploma’s haalde, promotie kon maken, waardoor je dan meer kon verdienen dan in een burgerbetrekking. Na een tijd in Brabant werd ik overge-plaatst naar Schiphol. In 1962 ging ik vandaar weer terug naar Denekamp, waar ik tot 1985 werkzaam ben geweest, laat-stelijk als ambtenaar bij de uitvoerverificatie.

Dit verhaal is, met toestemming van de Stichting Heemkunde Denekamp, overgenomen uit ‘Kuieren langs de grens’, uitgegeven in 1992.


Schoolfoto Breklenkamp plm. 1920-1922…

School Breklenkamp plm 1920

1. Meester GJ Meinders 2. Meester Tukkers 3 Geert Hendrik Molendijk (2e man van Berendina Pötter op Huisken nu Grote Veldman) *1913 (Br 2) 6 Jan Maatman *1912 (Oude Dasseler). Overige kinderen zijn onbekend.
Herkent u iemand? Geef het aan ons door.


Keuters van Wietmarschen naar Lattrop (2)…

Gerardus Keuters en Berendina Hermina Weustink…

Gerardus Keuters is de erfopvolger op het erf Waternaats dat zijn vader gesticht, ontgonnen en bebouwd heeft. Hij trouwt op 12 october 1881, oud 25 jaar, met Berendina Hermina Weustink geboren in 1852 in Ootmarsum, dochter van Hermannus Gerhardus Weustink en Hendrika Roepe. Zijn zuster Aleida is voor 3 maanden overleden en zijn moeder Janna Knippers een half jaar geleden, maar zijn vader oud 61 jaar leeft nog en is nog actief op de boerderij. Een half jaar later zal ook hij komen te overlijden.
Uit dit huwelijk worden 4 kinderen geboren:
1 Gerardus Joannes 1883-1893.
2 NN levenloos meisje 1885.
3 Gerardus *1886, zie hierna.
4 Johanna geb. 01-01-1888 en overleden 10-03-1889.
Steinbruch mit Mühle in BentheimGerardus en Berendina krijgen de nodige tegenslagen te verwerken. Van de 4 kinderen overlijdt de oudste zoon op 10-jarige leeftijd, het meisje wordt levenloos geboren en de jongste zoon overlijdt op de leeftijd van slechts 2 maanden.
Een maand na het overlijden van deze jongste zoon overlijdt de moeder op 7 april 1889, oud slechts 36 jaar. De vader achterlatende met de zoons Gerardus Joannes oud 6 jaar en Gerardus oud 2 jaar. 4 Jaar later overlijdt Gerardus Joannes oud 10 jaar. Van de 4 kinderen is alleen Gerardus nog in leven. Maar de rampspoed is nog niet ten einde want op 12 october 1895 overlijdt plotseling de vader oud 39 jaar.
Naast het werk op de boerderij en de verdere ontginning van het land werkt hij in de steengroeve in Bentheim. Werknemers zijn bezig met het opladen van een plaat zandsteen. Dit dreigt te mislukken en de plaat zou dan op de grond vallen en breken. Gerardus biedt hulp en met een haast bovenmenselijke inspanning wordt de steen alsnog op de wagen gelegd. Niet lang daarna begint hij bloed te hoesten en overlijdt kort daarop. Waarschijnlijk is door deze extreem grote krachtsinspanning, met ingehouden adem, de druk op de longen te groot geworden waardoor de longblaasjes zijn geknapt.

Van Keuters naar Tijhuis…

Keuters op WaterNaats of Tijhuis in Beuningen-OostDe enigste overgebleven zoon Gerardus wordt op 13-jarige leeftijd op 28-11-1899 ingeschre-ven in het Bevolkingsregister 1881-1900 van Tilligte.  Dan is er dus geen Familie Keuters meer aanwezig op het erf. De kinderen waren te jong om alleen het erf draaiende te kunnen houden. In die tijd van alleen maar de jongere generatie Keuters is de familie Tijhuis in 1876 vanuit Denekamp naar het erf gekomen. De nakomelingen van Keuters (alleen Gerard leeft dan nog) hebben er nog een tijdje gelijk met de familie Tijhuis op het erf gewoond. Vanaf 1876 na zijn tweede huwelijk, is Bernardus Tijhuis, die geboren is op 14-1-1826 te Denekamp als zoon van Gerrit Jan Tijhuis en Bernardina Cornet uit Noord Deurningen met zijn vrouw Geertruida Kotter, geboren 18-12-1843 te Beuningen, op het erf Keuters/Tijhuis aanwezig.

Gerardus Keuters *1886…

Landkaart Holt und Haar ca 1900Na het overlijden in 1895 van de 39-jarige vader Gerardus Keuters *1856 op Waterboer, blijft zoon Gerardus Keuters als enigst familielid achter bij de inmiddels hier wonende familie Tijhuis-Cornet (zie boven). In verband met de geplande aankoop van de boerderij door Tijhuis en het overlijden van de ouders van Gerard moeten de nodige gerechtelijke stappen worden genomen. Allereerst wordt een voogd over Gerardus benoemd. Dit wordt de broer van zijn moeder, zijn oom dus, Gerhardus Johannes Weustink fabrieksarbeider in Ootmarsum.
Gerard gaat naar school in Denekamp en verlaat deze met Pasen 1899.
Op 28 november 1899, 4 jaar na het overlijden van zijn vader, wordt hij in het Bevolkingsregister van Tilligte ingeschreven bij de familie ten Brink-Voorhuis. Deze boerderij staat vanouds bekend als Bekker en is gelegen aan de Hunenborgseweg. Het gezinsverband is ‘geen’ en er wordt geen beroep vermeld. Hij zal door zijn oom en voogd hier geplaatst zijn. Een familieverband is niet bekend.
Op 7 april 1900 wordt ten verzoeke van Geese Muller in Hoolt Graafschap Bentheim ten kantore van notaris H van Opstall in Enschede een akte opgemaakt met betrekking tot de in 1859 verstrekte hypotheek ad. F 1000,=. Hoe de overdracht en de afhandeling verder verloopt is niet bekend. Evenmin of Gerard Keuters hier later nog geld aan heeft overgehouden.

Van Bekker in Tilligte naar GetJan-Jannes in Lattrop…

Erve 'GetJan-Jans', later Muntel  Esweg  LattropIn het bevolkingsregister 1901-1923 van Lattrop wordt Gerard Keuters, voor 1910,   ingeschreven bij het kinderloze echtpaar Hulsbeek-Kleine Punt op het plaatsje GetJan-Jannes aan de tegenwoordige Esweg in Lattrop, voorheen Muntel. Hier woont daarvoor Maria Koehorst (1849-1880) dochter van Johannes Koehorst van het Olde Eppink in Noord Deurningen en Johanna Haamberg van het Köstershuis eveneens in Noord Deurningen.
Hermannus Hendrikus, of Harm Hendrik, Hulsbeek is dienstknecht bij deze familie Koehorst-Haamberg en trouwt in 1872 met dochter Maria. Maria overlijdt kinderloos in 1880 waarop Harm Hendrik in 1881 hertrouwt met de 25-jarige Johanna Kleine Punte uit Beuningen. Ook dit huwelijk blijft kinderloos. Harm Hendrik overlijdt hier in 1907. Gerard Keuters staat ingeschreven als knecht en hier leert hij de nodige vaardigheden die hem later zo goed van pas komen.


Keuters van Wietmarschen naar Lattrop (1)… (zie vorige nieuwsbrief)

Hoofdstuk ‘Knippers in de boerschap Denekamp…’.
De redactie is er op attent gemaakt dat in de gepubliceerde tekst enkele onvolkomenheden zitten. Uit het 1e huwelijk worden niet 3 maar 6 kinderen geboren en uit het 2e huwelijk 4 kinderen. Hieronder de gewijzigde tekst.

Lambert(us) Knippers, de vader van Jan Hendrik, wordt geboren op 27 december 1754 aan de Brandlichterweg in de boerschap Denekamp. Hij trouwt in 1785 met Johanna Grashoff geboren plm. 1760 in Noord Deurningen. Uit dit huwelijk worden 6 kinderen geboren; Geertruida in 1786, Lambertus Fransiscus in 1790, genoemde Jan Hendrik in 1793 (zie hierna), Johannes in 1796, Gerardus Johannes in 1799, en Maria in 1802. De moeder overlijdt in 1806 waarop Lambert in 1807 hertrouwt met Geertrui Möllink. Uit het 2e huwelijk Johannes in 1808, Gerardus in 1810, Johanna in 1812 en Hendrikus in 1815. Lambert overlijdt in 1817 in de boerschap Denekamp nr 15.


De voorouders van Joanna Roepe in Breklenkamp (2)…

Rechterlijk archief Landgericht Ootmarsum, nr. 8, fol. 40, 13 okt. 1766: Jan Roepinck en Janna Hofstede lenen F2400 van Johanna Mulders, weduwe van Bern. Kortenbrouwer, en Anna Geertruit Mulders; onderpand is Roepe, onlangs gekocht van de erfgenamen zur Eich, met het land; afgelost op 23 nov. 1805. Hoofdgeld 1767: Jan en Janna Ruepe en dochters Janna en Geese, 4 personen die betalen.
Rechterlijk archief Landgericht Ootmarsum, nr. 9, fol. 63, 5 nov. 1773: Jan Roepe koopt 2 dagwerk hooiland voor F263.

Ouders…

5 Hermannus (Harmen) Rupen wordt erfopvolger. Hij is ged. op 11 october 1753 en trouwt op 6 mei 1787 met Johanna (Janna) Velthuis, gedoopt op 1e Kerstdag van het jaar 1765 in de RC kerk van Ootmarssum.
Uit dit huwelijk de volgende kinderen:
Trouwboek Ootmarsum 06-05-1787 Harmen Roepe en Janna Velthuis 1 Joanna (Janna) Roepe, ged. 31 augustus 1788. Zij trouwt op 10 october 1810 met Joannes (Jan) Lutke Veldman ged. 22 november 1780. Jan overlijdt op het Lutke Veldman in 1855 oud 75 jaar en Janna in 1866 oud 77 jaar.
2 Johanna (Janna), zie hierna.
3 Gezina Roepe, ged. 18 december 1792, zij overlijdt voor 1806.
4 Joannes (Jannes) Roepe, ged. 28 februari 1802. Hij overlijdt op 21 januari 1813, oud 10 jaar.

Harmen overlijdt in 1804 waarop de weduwe Janna Velthuis op 28 october 1805 hertrouwt met Jan Berend Eukseler uit Enschede die zich dan Roepe noemt. Jan Berend is gedoopt op 25 december 1761 in Enschede. Dit huwelijk blijft kinderloos. Janna Velthuis overlijdt in 1841 oud 75 jaar en haar 2e man in 1853 oud 91 jaar.
Volstelling 1795: Hoofd van het gezin: Janna Roepe (=Velthuis). Aantal gezinsleden: 8.
De oudste dochter trouwt naar Lutke Veldman. De 2 jongste kinderen Gesina en Jannes overlijden jong op de leeftijd van 14 en 10 jaar. Derhalve wordt 2 Johanna (Janna) erfopvolgster.

2 Johanna (Janna) Roepe, ged. 24 november 1790, trouwt op 29 juni 1821 Gerhard Heinrich Hülsmeyer uit Emsbüren-Mehringen. Na diens overlijden in 1835 trouwt Janna voor de 2e keer op 28 mei 1838 met Dominikus Büscher uit Bimolten bij Nordhorn.

Voor vervolg Hülsmeijer op Roepe zie website www.heemkunde-lattrop-breklenkamp, Genealogie, ‘Hulsmeijer van Emsbüren naar Brecklenkamp’.

Naschrift: (foto rechts: het Roepenhuis anno 2009)
Hulsmeijer (Roepe) Breklenkamp 31 Mei 2009Volgens overlevering heeft het oude erf Roepe gestaan ongeveer halverwege het erf aan de Lemsmatenweg en de Hulsmeijers (Koetscher) aan de Schabosweg. Thans hier nog bekende veldnamen zijn Roepenmoat en Roepenkaamp. Ook zou er in vroeger tijden, volgens Roepn Greads jr., bij de boerderij een ‘Jödn-kearkhof’ geweest zijn. In het Veldnamenboek staat hierover vermeld: ‘Dit kleine perceeltje staat op de kadasterkaart van 1946 nog aangegeven als een perceel, gelegen in een groter perceel. Volgens enkele inwoners van Breklenkamp moet dit een Jodenkerkhof geweest zijn’.  Opgravingen tijdens de ruilverkaveling van de jaren ’50/’60 hebben geen sporen opgeleverd die dit kunnen bevestigen.
In het Verpondingsregister van 1601 en Paardenregister van 1602 wordt het kottersplaatsje niet vermeld. In het Markenboek van Breklenkamp wordt op een Holting (vergadering van het Markenbestuur) voor het eerst in 1664 melding gemaakt van de naam Roepe. Harmen Rupen (~1641-1695) wordt in het NG trouwboek van Ootmarsum vermeld als Harmen Jansz (Janszoon), zoon van Jan Roupen, van ’t Roupenhuijs. Deze Jan Roupen is geboren ca. 1615 en zou de 1e bewoner kunnen zijn.
Rechterlijk archief Landgericht Ootmarsum, nr. 8, fol. 40, 13 okt. 1766: Jan Roepinck en Janna Hofstede lenen F2400 van Johanna Mulders, weduwe van Bern. Kortenbrouwer, en Anna Geertruit Mulders; onderpand is Roepe, onlangs gekocht van de erfgenamen zur Eich, met het land; afgelost op 23 nov. 1805.
Uit bovenstaand tekst blijkt dat Jan en Janna het kottersplaatsje in 1766 kopen van de erfgenamen zur Eich. Vanaf de stichting tot 1766 is dit een huurmansplaatsje. Voor de aankoop gaan zij een lening aan van f 2400,-. Vanaf 1766 zijn de bewoners Jan Roepe en Janna Hofste ook eigenaar. De namen Johanna Mulders, Bernard Kortenbrouwer en zur Eich zijn vooralsnog onbekend.                                                                                      Wordt vervolgd…


Foto gevraagd…

Gerardus Haamberg  (1874-1943) en Euphemia Niehof (1874-1956) op oude Stokke in LattropUit het huwelijk van Adolff (Dolf) Niehoff (1834-1896) en Helena (Leena) Koopman (1838-1869) in 1864, worden op Oude Wassink of Dolf in Breklenkamp 3 kinderen geboren. Antonius (Anton) *1865, Johanna *1867 en Maria *1868.
Na het overlijden van Helena in 1869 hertrouwt Adolff in 1870 met Johanna Maria (Janna) ter Duis *1836 op het erf Lölf in Oud Ootmarsum. Uit dit 2e huwelijk worden 6 kinderen geboren. Aleida *1871, levenloos geboren dochter in 1873, Euphemia *1874, Johannes *1876, Hermina *1877 en Bernardus *1880. Van Antonius zijn geen nadere gegevens bekend. 1 Kind wordt levenloos geboren, Joanna wordt 1 maand, Bernardus wordt 10 maanden en Aleida overlijdt op de leeftijd van 22 jaar.
Johannes Niehof (Dolf) Breklenkamp 1876-1936De overige 4 kinderen trouwen en krijgen nakomelingen. Maria trouwt in 1899 met Herman Maseland en overlijdt in 1912 in Volthe. Euphemia trouwt in 1904 met Gerardus Haamberg op het Oude Stokke, nu Scholten-Bodde, tegenover de Oale School in Lattrop. Joannes trouwt in 1904 met Joanna Pikkemaat van Oude Boomhuis of Bek-Jan en wordt erfopvolger en Hermina trouwt in 1903 met Hendrikus Meijners op het Oude Aarnink of Schuurboer in Tilligte.
Van Maria is geen foto want zij overlijdt in 1912. Foto Euphemia en Gerardus Haamberg (zie rechtsboven). Foto Johannes (links); van zijn vrouw Johanna Pikkemaat is geen foto.
Wie heeft een foto van Hermina Niehof en Hendrikus Meijners op Schuurboer in Tilligte?


Verkoop erve en goed Wigger Lattrop 1827 (slot)…

Drieentwintigste Perceel
Een stuk weideland de Bommert groot een bunder eenentachtig roeden
vijfenvijftig ellen gelegen ten zuidoosten tusschen den Veltkamp en Martens
gaarden zijnde ’t dertiende veertiende en achttiende perceel hierboven.
Te aanvaarden Martini eerstkomende Dit perceel ingezet zijnde door
Lucas Lambers voormeld op zevenhonderd en tien gulden Zegge                            f 710.=
Is bij gebrek aan hoger bod deze inzetter voor die som daarna koper geworden
Die alhier na voorlezing heeft getekend L. Lambers

Vierentwintigste Perceel
Een stuk hooiland de Spiek groot drieenzestig roeden zeventachtig ellen
gelegen aan den Dinkel Of liever drieenzestig roeden zevenentagtig ellen
hooiland in de zogenaamde Spiekmate die met andere mede eigenaren
in haar geheel te zamen wordt gemaaid en gehooid Te aanvaarden Martini
eerstkomende Dit perceel ingezet zijnde door Jan Vreehuis
landbouwer te Lattrup op driehonderd gulden Zeggef 300.=
Is bij gebrek aan hoger bod deze inzetter voor de gemelde inzate som
daarvan koper geworden; en heeft volgens Koopconditien tot zijne principale
borgen gesteld Jannes Bonke en Hendrik Stokke beide landlieden te Lattrup.
En met dezelve alhier na voorlezing getekend
J Vreehuis     J Bonke     H Stokke

Vijfentwintigste Perceel

De Hooischuur ten oosten van en bij het Erf huis gelegen. Te aanvaarden
Martini eerst komende. Dit perceel ingezet zijnde door Lucas Lambers
voormeld op honderdvijfendertig gulden Z(egge) f 135.=
Is daarvan na eene hoging koper geworden Fredrik Meijer bleeker te
Ootmarssum voor honderd vijftig gulden Zegge                                                          f 150.=
En heeft deze koper tot borgen luidde koops konditien gestelt Jacobus
Larink grutter en Willem Geerdink tapper beide wonende te Ootmarssum;
en met den eerstgenoemde, de laatstgemelde verklaard hebbende des
schrijven onervaren te zijn, alhier Na voorlezing getekend         F Meijer

Zesentwintigste perceel
Twee stukke zaailand de Huisstee en Den Wedakker genaamd het eerste
groot een bunder acht roeden drieennegentig ellen gelegen ten oosten aan ’t
hooiland van Beernink en ten westen aan Beernink hof en het Meike groot
vierenvijftig roeden zevenenveertig ellen gelegen ten westen aan ’t land
van Egbert Velthuis en ten oosten aan dat van Beernink Te aanvaarden Martini
eerstkomende
Dit perceel ingezet zijnde door Evert Beernink bovengenoemd op achthonderd
gulden Zegge f 800.=
Is daarvan na eene enkele hoging koper geworden Gerrit Jan Rerink boerenknegt
Te Lattrup voor achthonderd vijftig gulden                                                                f 850.=
Borg als hierboven bij het eenentwintigste perceel zijn vermeld waarvan de eerste
met den koper alhier na voorlezing heeft Getekend, de tweede borge Berend
Keule verklaard hebbende des schrijvens onervaren te zijn.
                                            GJ Reerink   A Zegelvoort

Zevenentwintigste Perceel
Een stuk zaailand den Lankamp groot zesendertig roeden eenendertig ellen
gelegen ten westen aan ’t land van ’t erve Leferink en ten oosten aan dat van
Zegelvoort, met het boschje en het hout daarop staande, daarbij gelegen.
Te aanvaarden Martini eerstkomende.
Dit perceel ingezet zijnde door Lucas Lambers voornoemd op tweehonderd
vijfentwintig gulden                                                                                                       f 225.=
Is bij gebrek aan verder bod inzetter voor die som daarvan koper geworden
en heeft alhier na voorlezing getekend   L Lambers

Achtentwintigste Perceel
Een hoekje Veengrond in Bargerveen aan de grenzen van ’t Hannoversche
Grondgebied dit perceel ingezet zijnde door Hermen Leferink voormeld op
twintig gulden f 20.=
Is daarvan na eene enkele hoging koper geworden Gerrit Koehorst schoolon
derwijzer te Noorddeuringen voor dertig gulden Zegge                                            f 30.=
En heeft dezelven hier na voorlezing getekend                   G Koehorst

Negenentwintigste perceel
De halfscheid op het halve eigendom van het Kuiphuisje en Iemenschoer
waarvan de helft aan Egbert Velthuis toebehoord, of liever het geheele word
in onverdeelde eigendom bij de comparanten verkopers en Egbert Velthuis
bezeten. Te aanvaarden Martini eerstkomende Dit perceel ingezet zijnde door
Grades Wigger voornoemd op twee gulden en  vijftig cents Zegge f 2=50
Is bij gebrek aan verder bod de gemelde in zetter van de gemelde helft den
boedel toebehorende koper geworden voor die inzate som
van twee gulden vijftig cents Zegge                                                                              f 2=50
En heeft dezelve hier na voorlezing getekend                        G Wigger

Verkoop erve en goed Wigger Lattrop 1827 (naschrift…)
Tot zover de Publieke verkoop of veiling van vaste goederen 4 October 1827.

Behalve de ‘veiling van vaste goederen’ vindt er ook een ‘Publieke verkoop van roerende goederen’ plaats. Deze wordt gehouden op 22 en 23 October 1827. Deze veiling bestaat uit 423 percelen en hiermee wordt de hele inboedel in de verkoop gebracht. Enkele voorbeelden:
No 1 Een vospaard met een bles; Albert olde Deterink landbouwer te Lohne voor dertig gulden zegge f 30.—
2. Een zwart dito Bernardus Onke? te Ootmarssum eenenzestig gulden
3. Een koe Jacobus Reinders te Ootmarssum zevenendertig gulden
4. Een dito Antonij Peze te Ootmarsum achtenveertig gulden
5. Een dito Gerrit Jan Steggink te Nutter eenendertig gulden vijfenzeventig cent
16. Een boerenbeslagwagen Jan Sanders te Denekamp vijfentwintig gulden
74. Een hekselkist Gerrit Maatman Noordeuringen vier gulden
147. Een spintvat Grades Wigger voormeld dertig cents
Dat gedaan en de avond gevallen zijnde is op verzoek der verkopers deze verkoping voorheden gestaakt, en is de vervolging daarvan verlegt en bepaald op morgen drieentwintigsten October eerstkomende ten half tien uren s’morgens en zijn te presente personen verzogt zich alsdan weder hier te laten vinden.
En hebben de verkopers met ons en Notaris en onze getuigen alhier getekend.
G: Wigger   J. Wigger   A: Oinck              B. Brandligt       JB ten Pol  Notaris

Een transcriptie van deze documenten moet nog worden opgemaakt. Over enige tijd wordt deze publicatie in de nieuwsbrieven vervolgd.


Hoofdgeldregister 1767 Breklenkamp…

Transcriptie Charles Horsthuis

1. Register van degenen die het hoofdgeld kunnen en moeten betalen
Mevrouw Bentinck, haar zuster, de priester, 3 knechten, 3 meiden 9 personen
De Scholte, Jurrien en Anne, knechten Harmen en Hendrik, meid Fenne, oude vrouw Fenne 6
Molendijk, Hendrik en Jenne, knecht Albert, meiden Engele en Triene 5
Wassink, Jan en Zwenne, knechten Jan en Jan, meid Geeze 5
Nijhof, Hermen en Janna, dochter Janna, knecht Jurjen 4
Grote Veltman, Fenne, zoon Jan, dochter Fenne, knechten Gerrit en Lambert 5
Lutke Veltman, Arent en Maria, dochter Fenne 3
De Vos, Lucas en Hendrikje, zoon Egbert 3
Broekman, Hendrik en Jenne, zoon Teeuwes, oude vrouw Gese, meid Gese 5
Broekmans Lijftucht, Berend en Ale, zoon Herman 3
Lahuijs, broers Berent en Hermen, zuster Fenne, meid Janna 4
Riekerman, Gerrit en Hille, zoon Jan, dochters Beerte en Trijne 5
Ruepe, Jan en Janna, dochters Janna en Geese 4
Rotman, Hendrik en Hendrikjen, zoons Egbert en Lambert, dochter Geertje 5
De Seijse, Jan en Hille, zoons Albert en Berend, meid Jenne 5
De Buirs, oude vrouw Harmken, zoon Gerrit, dochter Janna 3
Weenners, Jan en Fenne, zoon Hermen, meid Ale 4
Totaal                                                                                                                        78 personen

2. Register van degenen die niet in staat zijn het hoofdgeld te betalen

Scholten Lijftucht, Harmen en Aleid 2 personen
Scholten bakhuijs, Berend en Fenne 2
Moolendijks Lijftucht, Hendrik en Geeze 2
Mollendijks Bakhuijs, Gerrit en Geeze 2
Wassink Bakhuijs, Harmen en Gese 2
Grote Veltmans Lijftucht, Hendrik en Geze 2
Lutke Veltmans Lijftucht, Hendrik en Geeze 2
Engbers, Hendrik en Ale 2
De Schuure, Hendrik en Janna 2
De Koopman, Albert en Geeze 2
De Huiskes, Albert en Geeze 2
Timmer Albert, Albert en Fenne 2
De Leupen, Hendrik 1
De Gardeniersche, Harmine 1
Bentink kloppen, Janna en Jenne 2
Nijhof kloppe, Janna 1
Oortman, Gerrit Jan en Janna 2
Rotman, Hendrik 1
Groote Velde, Geertken en Fenne  2
Totaal                                                                                                                        34 personen

3. Register van degenen die van de armenstaat trekken
Olde Nijhof, Gerrit en Fenne 2
In het Olde Groote Velde, Hendrik en Jenne 2
Totaal                                                                                                                        4 personen


Uit het Twentsch Dagblad Tubantia van 22 januari 1925…

Sport - Klootschieten.
Men schrijft ons uit Losser:

Als liefhebbers van sport hadden onze klootschieters het aangedurfd den kloot op te hangen te Lattrop, het klootschietersland bij uitnemendheid, de kampioen van Twente, en gaarne werd de strijd aanvaard. Fier trok dan onze dappere schare Zondagmorgen per fiets, terwijl des middags nog een drietal autobussen volgden, naar de heide te Noord-Deurningen bij Denekamp. Het aantal schutters werd door Lattrop bepaald op 10 van weerszijden en elk vier schoten.
Omstreeks half twee kwamen de schoenen uit en moesten de stokleggers in functie treden. Met spanning werden de eerste schoten verwacht, want niemand kende de sterkte van de tegenpartij. Flink werd losgeschoten, doch menig toeschouwer uit Losser zal van de eerste schoten niets gezien hebben, omdat zij met verbaasde gezichten stonden te kijken naar het  lawaaimaken der tegenpartij, zooals dit bij het echte Twentsche klootschieten gebruikelijk is, doch hier in sterke mate in eere werd gehouden.
Al werd over het algemeen door de Lossersche schutters verder gegooid dan door die van Lattrop, loop was er niet zo goed aan, zoodat een leek zou beweren, dat hun bal schrik had voor al het lawaai en de stokslagen die op de mooie vlakke heide neerkwamen. Wisselvallig was de strijd in de eerste twee ronden, dan de een voor dan de andere en de moed bleef er steeds in. De twee volgende ronden, nu het terrein eenigszins verkend was, bleek Losser de sterkste en won geleidelijk tot het de overwinning bevocht met een voorsprong van anderhalf schot.
Eerlijk had Losser verdiend, eerlijk was de strijd geweest, en het moet gezegd, met Lattrop was het prettig wandelen door de heide, al had het daar ook zijn kampioenschap verloren. In een vroolijke stemming keerde Losser huiswaarts, in de hoop samen nog eens weer op te trekken.

De redactie wenst u prettige paasdagen.